U bevindt zich hier:thuis>leerlingen>einde schooljaar

Vlaanderen Brussel Europa

einde schooljaar

toelichting bij deliberaties en eindrapport

Het evaluatiesysteem werd in het reglement al verduidelijkt. Hier volgen nog enkele toelichtingen.

attesten

op het einde van het schooljaar beoordeelt de delibererende klassenraad de vorderingen van elke leerling. Uit deze beraadslaging volgt voor elke regelmatige leerling de toekenning van een attest.

A-attest

  • de leerling heeft zijn jaar met vrucht beëindigd

  • hij of zij mag overgaan naar een volgend leerjaar

B-attest

  • de leerling heeft zijn jaar met vrucht beëindigd

  • hij of zij mag

    • ofwel overgaan naar een hoger jaar, behalve in de geclausuleerde studierichting(en), bijvoorbeeld GrLa, en geclausuleerde onderwijsvorm(en), bijvoorbeeld ASO

    • ofwel zijn of haar jaar overdoen

C-attest

  • de leerling is niet geslaagd

  • hij of zij moet zijn of haar jaar overdoen, ook wanneer hij of zij overstapt naar een andere onderwijsvorm

advies

de delibererende klassenraad geeft bovendien een schriftelijk advies aan de leerling. Een advies heeft wettelijk geen bindend karakter, maar wordt wel gegeven in de stellige overtuiging dat het de beste weg voorstelt voor de leerling in kwestie. Ook bij een A-attest moet de leerling rekening houden met de reële mogelijkheden, vaak geformuleerd in een duidelijk advies

clausulering

het is niet zo dat bijvoorbeeld een leerling uit 2 moderne wetenschappen met een B-attest, geclausuleerd voor ASO, absoluut naar een technische school (TSO) moet overgaan. Hij of zij kan en mag wettelijk zijn of haar jaar overdoen. Dit laatste is soms het meest aangewezen. Waarom wordt dan geen C-attest gegeven ? Dikwijls wordt een B-attest gegeven omdat de klassenraad oordeelt dat de leerling in het volgend leerjaar van zijn of haar studierichting geen kans op slagen heeft en dus best zijn of haar jaar zou overdoen, en omdat de klassenraad tegelijkertijd de leerling niet wil verplichten een jaar over te doen als hij of zij eventueel toch van richting wil veranderen. In geval van twijfel kunnen ouders en/of leerlingen zelf, rekening houdend met het eventueel gegeven advies, nog altijd raad vragen aan leerkrachten en CLB.

Bij de beoordeling van de resultaten gaat de klassenraad niet louter mathematisch te werk. Dit zou een deliberatie overbodig maken en eerder in het nadeel van de leerlingen uitvallen. De concrete leerling staat centraal in het deliberatiegebeuren. Cijfers zijn één (belangrijk) element in het geheel van de gegevens waarmee de delibererende klassenraad moet rekening houden. Een 50% of een voldoende heeft uiteraard een actuele, indicatieve waarde over verleden en toekomst van de leerling, maar blijft eerder een geïsoleerd gegeven dat slechts in de context van het geheel van alle gegevens op zijn juiste waarde kan beoordeeld worden. Naargelang de studierichting die de leerling volgt, zullen bepaalde vakken meer gewicht in de schaal werpen. Zo zal bijvoorbeeld een tekort voor een vak behorend tot het fundamentele gedeelte van een studierichting of een richtingsvak steeds ernstig besproken worden. Zelfs als dit het enige tekort is, zal de delibererende klassenraad onderzoeken of dit tekort niet de overgang naar het hogere leerjaar in gevaar brengt. Het heeft bijvoorbeeld geen zin een leerling te laten starten in een studierichting met een zwaar wiskundepakket, waar de leerling, ondanks een nipt voldoende voor wiskunde in het voorbije jaar, geen redelijke kans maakt om dit hogere jaar met succes af te ronden. Een deliberatiebeslissing kijkt dus evenzeer naar de reële toekomstmogelijkheden als naar de prestaties in het verleden

bijkomende proef

een bijkomende proef kan alleen in zeer uitzonderlijke omstandigheden en kan nooit als een recht beschouwd worden (cf. ministeriële voorschriften). Indien de klassenraad oordeelt over te weinig gegevens te beschikken om een uitspraak over het attest te doen, zal de leerling uitgenodigd worden om een proef af te leggen in de vakantie

vakantiewerken en vorderingstoetsen

wanneer een leerling een A-attest heeft behaald, maar de klassenraad van oordeel is dat een bepaald leerstofonderdeel niet voldoende gekend is om het volgende schooljaar goed te starten, kan een vakantietaak gegeven worden (eventueel in combinatie met een waarschuwing). Tijdens het oudercontact eind juni worden er afspraken gemaakt over de concrete uitwerking hiervan (opgave, datum van indienen, tussentijdse feedback, ...). Bij elk vakantiewerk wordt een vorderingstoets afgenomen om een beeld te hebben van de gemaakte vorderingen. In overleg met de vakleerkracht kan dit schriftelijk of mondeling afgenomen worden tijdens de vakantie en ten laatste op woensdag 7 september 2016 om 12.30u. Bij elk vakantiewerk dat niet ernstig genomen wordt door de leerling, zal de vakleerkracht zijn begeleiding stopzetten. Deze informatie wordt doorgegeven aan de ouders en aan de klassenraad van het volgende schooljaar

waarschuwing

de klassenraad kan je ook uitdrukkelijk een waarschuwing geven. Ondanks één of meer tekorten, neemt hij toch een positieve beslissing. Je krijgt één jaar tijd om bij te werken. We verwachten dat je een merkbare positieve evolutie doormaakt, waarbij je kan rekenen op ondersteuning. Is dat niet het geval, dan houden we daar het volgende schooljaar rekening mee bij de eindbeoordeling. Aan een waarschuwing is steeds een vakantiewerk verbonden